Warmtepomp

Nibe warmtepomp: subsidie per model en waarom de -20 niet meer oplevert

31 augustus 2026· 10 min leestijd· Onafhankelijk
Nibe S2125: de -20 levert geen euro meer ISDE op dan de -16

Voor een Nibe S2125 krijg je in 2026 tussen €2.350 en €3.700 aan ISDE-subsidie, afhankelijk van de variant — maar de S2125-16 en de S2125-20 leveren allebei precies €3.700 op. Dat is de opvallendste regel uit de meldcodelijst van RVO: naar de zwaarste variant doorschakelen kost je geld en levert geen cent extra subsidie. Nibe verkoopt bovendien via installateurs en publiceert geen prijzen, dus die meldcodebedragen zijn het enige harde getal waarmee je een offerte kunt controleren.

Dit moet je weten

  • De S2125 komt in vijf varianten (−8, −12, −14, −16, −20), allemaal op propaan (R290) met een GWP van 3.
  • ISDE van €2.350 (−8) tot €3.700 (−16 èn −20).
  • Het getal in de modelnaam staat ver van het subsidiabele vermogen: de −20 heeft er 11 kW, de −8 maar 5 kW.
  • Aanvoertemperatuur tot 75 °C en een SCOP van 5,0–5,3 — werkt op je bestáánde radiatoren.
  • De oudere F2120-lijn krijgt hetzelfde bedrag maar draait op R410A, met een GWP van 2.088 in plaats van 3.
  • Geen prijslijst: Nibe loopt via installateurs, dus je vergelijkt offertes.
Rekentool

Wat levert een warmtepomp bij jouw huis op?

Bereken je terugverdientijd →

De subsidie per Nibe-model

Nibe is een Zweedse fabrikant en levert in Nederland uitsluitend via installatiebedrijven. Er is dus geen adviesprijs waarmee je kunt rekenen — wel een subsidiebedrag, en dat staat per meldcode bij RVO vast: per exact model, niet per merk.

Meldcode Model Subsidiabel vermogen 1e warmtepomp 2e warmtepomp
KA20867 NIBE S2125-8 5 kW €2.350 €1.125
KA20866 NIBE S2125-12 7 kW €2.800 €1.575
KA30934 NIBE S2125-14 10 kW €3.475 €2.250
KA30935 NIBE S2125-16 11 kW €3.700 €2.475
KA30936 NIBE S2125-20 11 kW €3.700 €2.475

Kijk naar de laatste twee regels. De S2125-16 en de S2125-20 zijn verschillende machines, maar RVO ziet er allebei 11 kW subsidiabel vermogen in en keert er allebei €3.700 voor uit. Wie doorschakelt naar de −20 betaalt de meerprijs volledig zelf.

Dat is geen fout in de lijst maar een gevolg van hoe de regeling rekent. Sinds 2026 is het bedrag een som: een startbedrag van €1.025, plus €225 per kW vanaf de eerste kilowatt, plus €200 energielabelbonus. Voor 11 kW: €1.025 + 11 × €225 + €200 = €3.700. Zodra twee toestellen op hetzelfde subsidiabele vermogen uitkomen, is het bedrag identiek — hoe groot het verschil in de machine verder ook is. Voor een twééde warmtepomp vervallen het startbedrag en de bonus en blijft alleen €225 per kW over; dat is de laatste kolom. Meer over hoe de regeling werkt staat in ons overzicht van de ISDE-subsidie voor warmtepompen.

Het modelnummer is geen kW

Bij Nibe loopt het verschil tussen de modelnaam en het subsidiabele vermogen verder uiteen dan bij welk ander merk in deze reeks. Zet de twee kolommen naast elkaar en de logica verdwijnt.

Model Getal in de naam Subsidiabel vermogen Verschil
S2125-8 8 5 kW −3
S2125-12 12 7 kW −5
S2125-14 14 10 kW −4
S2125-16 16 11 kW −5
S2125-20 20 11 kW −9

Het getal in de typeaanduiding verwijst naar het maximale vermogen onder gunstige condities. RVO keert uit over het vermogen dat onder gestandaardiseerde condities is vastgesteld, en dat ligt structureel lager. Bij de −20 scheelt dat negen eenheden. Reken je met het typenummer, dan zit je er bij dit merk gigantisch naast — en dat is precies dezelfde valkuil als bij Weheat en Quatt, alleen groter.

Waarom je Nibe zou kiezen: 75 graden

Dit is het argument dat in merkvergelijkingen vaak ondersneeuwt onder efficiency-cijfers, terwijl het voor Nederlandse rijtjeshuizen het meest praktische verschil is. De S2125 levert een cv-aanvoertemperatuur in een bereik van 25 tot 75 °C. De meeste moderne warmtepompen zijn ontworpen voor lage temperatuur en gaan uit van vloerverwarming of nieuwe, grotere radiatoren.

Kan een toestel 75 °C leveren, dan kun je in veel gevallen je bestáánde radiatoren laten hangen. Dat scheelt een verbouwing die zelden in de warmtepompofferte staat maar wel op je rekening komt. Nibe combineert dat met een opgegeven SCOP van 5,0 tot 5,3 en presenteert de S2125 als "een van de stilste warmtepompen in de markt", met een Quiet Mark-certificering.

Let op

Een hoge aanvoertemperatuur kúnnen leveren is niet hetzelfde als er zuinig op draaien. Elke graad extra aanvoer verlaagt je rendement: de SCOP van 5,0–5,3 hoort bij lage-temperatuurbedrijf, niet bij 75 °C. De 75 graden zijn een vangnet voor de koudste dagen en voor woningen waar vervanging van radiatoren geen optie is — geen vrijbrief om isolatie over te slaan. Isoleren verlaagt de benodigde aanvoertemperatuur, en dát is wat je rekening drukt.

S2125 of F2120: hetzelfde bedrag, ander koudemiddel

Naast de S-serie staat de oudere F2120 nog op de meldcodelijst, en op subsidie kun je de twee niet uit elkaar houden: de F2120-16 heeft net als de S2125-16 elf kilowatt subsidiabel vermogen en levert dezelfde €3.700 op, met €2.475 voor een tweede unit. Het verschil zit ergens anders.

  NIBE S2125-16 NIBE F2120-16
Subsidiabel vermogen 11 kW 11 kW
ISDE 1e warmtepomp €3.700 €3.700
Koudemiddel R290 (propaan) R410A
GWP 3 2.088

Een GWP van 2.088 tegenover 3 is een factor zevenhonderd. De ISDE straft dat hier niet af: de regel die sinds 2026 subsidie uitsluit bij een GWP boven 750 geldt alleen voor split-toestellen met een vulgewicht onder de 3 kilogram, en de F2120 staat gewoon met een volledig bedrag op de lijst. Maar de Europese F-gassenregels worden stap voor stap strenger, en dat raakt op termijn de beschikbaarheid en de prijs van koudemiddel bij onderhoud of een lekkage. Kies je vandaag nieuw, dan is de propaanvariant de veiligere keuze — niet vanwege de subsidie, maar vanwege de jaren daarna.

Praktisch nadeel van propaan: het is brandbaar, dus er gelden opstellingseisen rond de buitenunit. In een ruime tuin speelt dat niet, in een smalle stadstuin soms wél. Laat dat bij de opname vaststellen.

Wanneer Nibe niet de juiste keuze is

Je wilt één vaste prijs zonder offertetraject

Nibe publiceert geen prijzen en levert via installateurs. Wil je een vast bedrag inclusief installatie, dan past een merk dat rechtstreeks verkoopt beter bij je manier van kopen.

Je huis is klein en goed geïsoleerd

De kleinste variant heeft 5 kW subsidiabel vermogen. Bij een lage warmtevraag zit je daar al snel boven, en overdimensioneren kost geld, comfort en levensduur door pendelen.

Je koopt hem om de 75 graden en slaat isolatie over

Dan gebruik je een noodoplossing als uitgangspunt. Hoge aanvoer betekent lage SCOP en een hoge stroomrekening; reken dat door in de terugverdientijd voordat je tekent.

Je zoekt de zwaarste variant "voor de zekerheid"

De −20 levert geen euro meer subsidie dan de −16 en vraagt bovendien een 3×400V-aansluiting. Laat het vermogen berekenen in plaats van het naar boven af te ronden.

Wat je aan de installateur vraagt

Omdat er geen prijslijst bestaat, doet de offerte al het werk. Vier vragen die je positie meteen verbeteren.

Vraag ten eerste om de meldcode van het exacte toestel in de offerte en zoek die op bij RVO: daar staat het subsidiebedrag èn het subsidiabele vermogen, dat bij dit merk drie tot negen eenheden lager ligt dan het typenummer. Vraag ten tweede of het genoemde bedrag geldt voor een eerste of een tweede warmtepomp; bij de −16 scheelt dat €1.225. Vraag ten derde op welke aanvoertemperatuur de berekening is gebaseerd — wordt er met 55 °C gerekend en draait je installatie straks op 70, dan klopt de beloofde besparing niet. En vraag ten vierde of er een 3×400V-aansluiting nodig is en wat het kost om die te laten aanleggen, want dat is meerwerk dat zelden in de eerste offerte staat.

Vraag meerdere offertes op. Bij een merk dat uitsluitend via installateurs loopt, zit je onderhandelingsruimte in het verschil tussen twee offertes voor exact hetzelfde toestel — niet in de fabrieksprijs.

Zet het resultaat naast de bandbreedtes in ons overzicht van de kosten van een warmtepomp, en beslis eerst tussen de systemen vóór je tussen de merken kiest: het verschil tussen hybride en all-electric weegt zwaarder dan het logo op de buitenunit.

De S2125-16 en de −20 krijgen allebei €3.700 omdat RVO ze allebei als 11 kW inschaalt. Dat soort sprongen die geen sprong blijken zit bij elk merk anders in elkaar; we hebben ze verzameld in wat de zes merken samen laten zien.

Veelgestelde vragen

Hoeveel subsidie krijg je op een Nibe warmtepomp?

Voor de S2125 loopt de ISDE in 2026 van €2.350 voor de −8 tot €3.700 voor de −16 en de −20. De tussenliggende varianten zitten op €2.800 (−12) en €3.475 (−14). Voor een tweede warmtepomp gaat het om €1.125 tot €2.475. De bedragen staan per meldcode bij RVO.

Waarom krijgen de S2125-16 en de S2125-20 dezelfde subsidie?

Omdat RVO uitkeert over het subsidiabele vermogen en dat bij allebei op 11 kW is vastgesteld. Het bedrag is een som van een startbedrag van €1.025, €225 per kW en €200 energielabelbonus, dus bij gelijk vermogen is het bedrag gelijk. De meerprijs van de −20 betaal je volledig zelf.

Wat kost een Nibe warmtepomp?

Nibe publiceert geen prijzen en verkoopt in Nederland via installatiebedrijven, dus je prijs is wat er in de offerte staat en die verschilt per bedrijf en per woning. Vraag meerdere offertes op en controleer ze op de meldcode en het subsidiabele vermogen, want dat zijn de enige bedragen die vooraf vaststaan.

Werkt een Nibe op bestaande radiatoren?

Vaak wel. De S2125 levert een aanvoertemperatuur in een bereik van 25 tot 75 °C, waar veel warmtepompen lage temperatuur nodig hebben. Houd er wel rekening mee dat een hogere aanvoertemperatuur het rendement verlaagt: de opgegeven SCOP van 5,0 tot 5,3 hoort bij lage-temperatuurbedrijf.

Wat is het verschil tussen de S2125 en de F2120?

Op subsidie niets: bij gelijk vermogen keren ze hetzelfde uit, voor de 11 kW-varianten €3.700. Het verschil zit in het koudemiddel. De S2125 draait op propaan (R290) met een GWP van 3, de oudere F2120 op R410A met een GWP van 2.088. Beide zijn subsidiabel, maar de Europese F-gassenregels worden strenger.

Is propaan als koudemiddel een probleem?

Propaan is brandbaar, waardoor er opstellingseisen gelden voor de buitenunit en de installatie door een gecertificeerd bedrijf moet gebeuren. Daar staat een GWP van 3 tegenover, tegen 2.088 voor R410A. Bij een ruime opstelplek is het geen bezwaar; in een smalle stadstuin laat je het vooraf toetsen.

Kort samengevat

Nibe levert met de S2125 een propaanwarmtepomp in vijf vermogens, met een aanvoertemperatuur tot 75 °C die hem geschikt maakt voor woningen waar de radiatoren blijven hangen — het meest praktische argument voor dit merk. Reken de subsidie na op de meldcode en niet op het typenummer, want dat scheelt bij dit merk drie tot negen eenheden. En weet dat de −16 en de −20 allebei €3.700 opleveren: naar boven afronden "voor de zekerheid" koop je volledig uit eigen zak. Blijft je schil ongeïsoleerd, dan draait ook deze warmtepomp op een hoge aanvoertemperatuur, en dan is het rendement dat je op papier kocht niet het rendement dat je krijgt.

Bronnen: RVO — meldcode KA20867 S2125-8 · RVO — KA30934 S2125-14 · RVO — KA30935 S2125-16 · RVO — KA30936 S2125-20 · RVO — KA07612 F2120-16 · RVO — ISDE: wat wijzigt er vanaf 2026 · NIBE — S2125. Subsidiebedragen en specificaties geraadpleegd op 26 augustus 2026. Wij verkopen geen warmtepompen en ontvangen geen vergoeding van Nibe of van een installateur. Bijgewerkt: 26 augustus 2026.